Typering van De Kern van de Economie voor havo

De nieuwe derde druk van DE KERN voor bovenbouw havo is inhoudelijk geheel afgestemd op het het nieuwe economieprogramma op basis van het rapport Teulings II, dat met ingang van augustus 2010 van kracht is. Dat betekent niet alleen aandacht voor speltheorie, concepten, verplichte contexten en experimenten, maar ook een verantwoorde, samenhangende en voor havo-leerlingen begrijpelijke behandeling van de leerstof met een gerichte voorbereiding op de praktijk van het nieuwe examen aan de hand van een zelfontworpen voorbeeldexamen en integrale opname van voorbeeldexamens. De inhoud is geheel bij de tijd gebracht en heeft een hoge actualiteitswaarde. Behalve voor de kredietcrisis en het omvallen van de DSB-bank is er bijvoorbeeld ook aandacht voor de Rijksbegroting en andere recente ontwikkelingen.
Op verzoek van gebruikers staan in deze nieuwe druk theorie en opgaven in één boek. Dat is praktisch en overzichtelijk en vermindert het risico dat er een boek vergeten kan worden. Belangrijke begrippen staan in rood gedrukt en aan de hand van het register zijn alle belangrijke begrippen snel terug te vinden.
 

 Behalve op de inhoudelijke kwaliteit is op de prijsstelling zorgvuldig gelet. De nieuwe druk van DE KERN voor bovenbouw havo is daardoor prijstechnisch de meest aantrekkelijke vierkleurenmethode voor uw budget.
DE KERN van de Economie voor bovenbouw havo bewijst niet alleen goede diensten in het reguliere havo-onderwijs, maar wordt door haar praktische aard en opzet ook vaak voorgeschreven bij instapcursusen op havo-niveau aan tal van hbo-opleidingen.
De docentenhandleiding bevat: didactische aanwijzingen, achtergrondinformatie en twee proefwerken per hoofdstuk.
 

HAVO-leerlingen
De ervaring van havo-docenten is dat havo-leerlingen met vrucht economie-onderwijs kunnen volgen mits hun benadering aansluit bij hun meer beschrijvende en praktische attitude. Havo-leerlingen hebben behoefte aan concrete illustraties van economische gebeurtenissen als voertuig voor het verwerven van economisch inzicht. De beide leerboeken voor het havo weerspiegelen deze meer beschrijvende aanpak. Paragrafen die men in de vwo-boeken aantreft, zoals beleid in beweging, ontbreken in de havo-methode, terwijl ook de gehanteerde stijl eenvoudiger is dan bij het vwo. De speltheorie wordt bij het havo minder diepgaand aan de orde gesteld dan bij het vwo, maar het herhalen van contexten wordt ook hier toegepast. Juist voor havo-leerlingen is het hoofdstuk over het economische rollenspel een verstaanbare en didactisch elegante voorbereiding op het behandelen van de speltheorie. Een dergelijk hoofdstuk wordt in andere methoden niet aangetroffen en wordt daar node gemist.
 

 Ook havo-leerlingen zullen in de klas vragen stellen over de spectaculaire ontwikkelingen op de financiële markten. Hun vragen zullen feitelijker en praktischer zijn georiënteerd dan die van vwo-leerlingen, maar daarom niet minder belangrijk. Havo-leerlingen hebben recht op behoorlijke en zorgvuldige antwoorden op vragen over deze onderwerpen, vandaar de aandacht voor monetaire en financiële aspecten van de huidige ontwikkelingen. Ontwikkelingen die voorlopig nog de economisch-politieke discussies in nationaal en internationaal verband zullen beheersen. Als de nieuwe president van de Nederlandsche Bank, Klaas Knot, mededelingen doet over het beleid van de Europese Centrale Bank, is het terecht dat havo-leerlingen deze uitspraken willen begrijpen. Docenten moeten dan op een verstaanbare en verantwoorde manier een toelichting kunnen geven. Daarvoor is materiaal nodig dat voor systematiek en structuur zorg draagt. Dat is wat in de nieuwe versie van De Kern van de Economie wordt geboden, ook ten behoeve van het havo. Onze inschatting dat de actuele monetaire en financiële ontwikkelingen een economieprogramma vergen dat hieraan aandacht besteedt, is juist gebleken. Bij havo-eindexamens economie kan men contexten op dit terrein verwachten.